Beatrice de Graaf: “Als vrouw zou ik in geen andere tijd geleefd willen hebben”

door | 6 mei 2021 | Rolmodellen, Uitgelicht

Dat terrorisme-expert en hoogleraar Beatrice de Graaf een drukke agenda heeft is te verwachten, zit ze niet in een talkshow dan schrijft ze aan haar onderzoek. Toen we een afspraak probeerde te maken, was ik dan ook niet geheel verrast dat ze wel een gaatje kon vinden in haar agenda, voor een half uurtje, over twee maanden. Wanneer Beatrice in de zoom call verschijnt, begint ze meteen enthousiast te vertellen over een onderzoeksvoorstel dat ze zojuist heeft ingeleverd. Er is geen twijfel over mogelijk: deze vrouw barst van de energie en passie voor haar werk. Ze vertelt mij over haar fascinatie met het kwade, haar jeugd in een conservatieve gemeenschap en hoe zij jonge vrouwen in de wetenschap probeert te ondersteunen.

Je bent van oorsprong historica, waar komt jouw fascinatie met het verleden vandaan?
‘Ik denk dat je nooit helemaal zeker kan weten waar zoiets vandaan komt. Mijn drive had ik al vanaf jonge leeftijd. Ik heb twee broers en die hebben die fascinatie met het verleden minder. Aan de ene kant is het iets romantisch, je bent steeds bezig met iets te duiden in een voorbijgegane tijd. Ik kan me helemaal verplaatsen in de levens van mensen en proberen te bedenken hoe mensen zich voelden. Aan de andere kant is het ook iets emancipatoirs: waar komen we vandaan en hoe maken we het beter? Als je kijkt naar het lot van de vrouw in eerdere tijdperken, zou ik in geen andere tijd hebben willen leven. Gelukkig wordt het toch nog steeds per generatie beter voor vrouwen en meisjes. Ik vind het interessant om te weten te komen wat voor beperkingen vrouwen vroeger ervoeren en hoe en door wie die uit de weg zijn geruimd. Mijn interesse in het verleden richt zich dus op de vraag hoe ‘het kwade’ zoals oorlogen, aanslagen, conflicten en grote ongelijkheid ten einde komt.’

Ik las in een interview dat je op jonge leeftijd al geïntrigeerd raakte door de nazi’s, waarom ben je juist zo geïnteresseerd in mensen die verschrikkelijke dingen doen?

‘Tijdens de oorlog is er in mijn geboortedorp Putten een aanslag gepleegd waarbij alle mannen tussen de achttien en vijftig zijn afgevoerd naar concentratiekampen, waaronder ook familieleden van mij. Die gebeurtenis heeft letterlijk en figuurlijk een gat in het dorp geslagen. Heel lang na de oorlog werkte dat gemis nog door. Mijn vader was voorzitter van een stichting die een documentatiecentrum over de aanslag opbouwde. Daardoor hadden we regelmatig Duitsers over de vloer die naar het documentatiecentrum kwamen kijken om met eigen ogen te zien wat er in hun land fout was gegaan. Hierdoor begreep ik op jonge leeftijd al dat je in de oorlog hele kwade dingen hebt zoals geweld en aanslagen, maar dat er ook altijd mensen zijn die daarna oprecht berouw tonen en hun best willen doen om het goed te maken.’

Je vertelde net over jouw drive om de geschiedenis te begrijpen, om zo ook te ontdekken hoe de beperkingen die vrouwen ervaren, kunnen worden verkleind. Op welk moment kreeg je door dat vrouwen op veel gebieden nog achtergesteld zijn aan mannen?

‘Op hele jonge leeftijd kreeg ik al door dat vrouwen een andere positie hadden dan mannen. Ik kom uit een best wel conservatieve gemeenschap waar alleen mannen dominee waren, tegelijkertijd hadden de vrouwen achter de schermen veel te vertellen en  was het ook een hele warme gemeenschap. Daardoor heb ik als puber nooit de behoefte gehad om te rebelleren. Activisme zit ook niet echt in mijn aard, ik ben meer iemand die eerst in een hoekje stil gaat zitten nadenken, en dan naar voren treedt om mensen proberen te overtuigen dat het ook anders kan. Ik voelde ook wel dat ik het zelf  later anders wilde doen. Daarom was ik heel blij toen ik op mijn achttiende daar weg kon om op kamers kon gaan wonen in Utrecht.’

 

Activisme zit ook niet echt in mijn aard, ik ben meer iemand die eerst in een hoekje stil gaat zitten nadenken

Hoe wordt er binnen zo’n conservatieve gemeenschap gereageerd op een hardwerkende, ambitieuze vrouw?

‘Ik groeide op in een calvinistische gemeenschap waarin sommige mensen er aardig conservatieve ideeën op nahouden. Tegelijkertijd wordt kennis in de gemeenschap beschouwd als een groot goed. Er wordt heel erg gehamerd op het feit dat als je bepaalde talenten hebt, je deze ook moet inzetten. Als God jou de gave heeft gegeven om goed te kunnen leren, benut deze gave dan ten volste en streef ernaar om cum laude af te studeren. Het idee dat vrouwen in de keuken thuishoren, werd mij dus nooit verteld. Mijn ouders hebben mij juist altijd enorm aangemoedigd in alles wat ik deed. Dit idee heet ook wel ‘Ora et labora’, wat bid en werk betekent.

Nauw verwant aan dit idee is dat het ook heel belangrijk is dat je jezelf niet boven de rest verheft. Iedereen heeft talenten en die van de een zijn niet beter dan die van de ander. Deze houding, die ervoor zorgt dat je nederig blijft, vind ik zelf heel mooi. Hetgeen wat jij zo goed kunt, heb jij ook maar in bruikleen gekregen.’

Het lijkt mij wel een uitdaging om niet af en toe toch naast je schoenen te lopen als er in de media zoveel aandacht is voor jouw wetenschappelijke analyse maar ook voor jou als persoon.

‘Dat is een tricky vraag.’ Zegt Beatrice lachend. ‘Iedereen heeft de neiging om trots te zijn om wat ze hebben gedaan en tegelijkertijd onzeker te zijn of het wel goed genoeg is. Als ik iets te vertellen heb en van mezelf weet dat ik dat ook kán vertellen, dan doe ik dat. Ik kan soms ook wel doorslaan in mijn enthousiasme, maar gelukkig heb ik dan een man die na een TV-optreden gewoon zegt: “Hey Beatrice, heb je de vuilnis al buiten gezet?’’ Bovendien krijg je na elk media-optreden in Nederland ook genoeg kritiek, of tips, van allemaal kijkers die het allemaal beter weten.  

 

gelukkig heb ik dan een man die na een TV-optreden gewoon zegt: “Hey Beatrice, heb je de vuilnis al buiten gezet?’’

Had je vanaf begin af aan een carrière in de wetenschap voor jezelf uitgestippeld of is dat toevallig op jouw pad gekomen?

‘Ik heb binnen vier jaar mijn studies Moderne Geschiedenis en Duitse Taal en cultuur gedaan en ik wist al vrij snel dat ik wilde gaan promoveren, dus op mijn 22e zat ik al in Berlijn als aio (assistent in opleiding). Ik denk dat de mogelijkheden die je hebt ook heel erg met je mindset te maken hebben. Als je bereid bent en de drive hebt om stappen te zetten, dan zie je ook sneller kansen wanneer die zich voordoen. Zo wilde ik bijvoorbeeld heel graag iets doen met mijn interesse in Duitsland. Toen er een Erasmus programma voorbijkwam om naar Duitsland te gaan, ben ik meteen aan de slag gegaan om te laten zien wat voor ideeën ik daar wilde uitvoeren als ik werd geselecteerd.’

Inmiddels ben je onofficieel gedoopt tot dé Nederlandse expert op het gebied van terrorisme. Is dat dan ook alleen een kwestie van hard werken en de juiste kansen pakken of kwam daar nog meer bij kijken?

‘Ik heb ook echt heel veel te danken aan docenten van mij van zowel de middelbare school als de universiteit. Op de middelbare school had ik een geschiedenisdocent die mij aanspoorde om te gaan studeren en niet het direct het pad van mijn ouders te volgen om onderwijzeres te worden. Toen ik eenmaal op de universiteit zat, werd die mentorrol vervuld door mijn professor Friso Wielenga. Hij vond mijn scriptie onderwerp interessant en vroeg mij of ik daar niet verder onderzoek naar wilde doen in Duitsland. Zo heb ik nog een aantal andere mensen gehad die mij hele mooie kansen hebben geboden. Vervolgens moet je die kansen natuurlijk pakken en wel echt driehonderd procent geven’, stelt Beatrice gepassioneerd.

Ben jij nu zelf iemand die aspirant wetenschappers soortgelijke kansen biedt als die jij vroeger kreeg?

‘Ja dat probeer ik wel echt te doen. Als docent probeer ik studenten te wijzen op de beursmogelijkheden die er zijn. Zo is er bijvoorbeeld naast de Erasmusbeurs de prestigieuze DAAD-beurs. Als je die beurs krijgt, ontvang je naast de beurs ook nog eens heel veel geld. Die kende ik helaas nog niet toen ik studeerde, dus toen ik later docent werd, heb ik mijn beste studenten daar altijd meteen op gewezen. En toen ik op mijn 36e hoogleraar werd, heb ik met mezelf afgesproken dat ik mensen verder ging helpen, waaronder ook jonge vrouwen in de wetenschap. Mijn manier van helpen is mensen ondersteunen in het ontdekken van hun eigen onderzoeksniche en -talenten. Het is binnen de wetenschap namelijk heel belangrijk om een eigen focus te hebben en je te specialiseren binnen een bepaald vakgebied. Ik probeer mijn studenten daarom altijd aan te moedigen om nog een taal of bijzondere vaardigheid naast hun studie te leren. Op die manier kun je je als student onderscheiden van de rest.’

Je zegt dat je in het bijzonder jonge vrouwen in de wetenschap probeert te helpen, heb je het gevoel dat je als vrouw anders wordt behandeld in jouw vakgebied?

‘Vanaf het begin af aan kreeg ik vragen zoals ‘wat doet zo’n aardig meisje met een onderzoek naar de Nazi’s, de Stasi’s en de terroristen?’. Ik vind dat nog altijd heel erg vreemd. Op negentienjarige leeftijd vond ik mezelf helemaal niet jong. Ik voelde me volwassen en had het gevoel dat ik de wereld aankon. Bovendien vraag ik me altijd af of jonge mannen ook dit soort vragen krijgen. Overigens krijg ik dat soort vragen nog steeds. Ik heb het gevoel dat je als vrouw eerst heel lang te jong, en dan plots te oud bent. Daarom vind ik het ook heel belangrijk om mezelf te omringen met een groep gelijkgestemde vrouwen met wie ik kan sparren. Zo hebben we inmiddels in Utrecht een groep van vrouwelijke wetenschappers – een soort ‘new girls network’- die elkaar onderling scherp houdt, maar ook helpt en steunt als het eens tegenzit. Dat raad ik iedere vrouw aan, in welke sector en van welke leeftijd dan ook.’

Ik heb het gevoel dat je als vrouw eerst heel lang te jong, en dan plots te oud bent. 

Sarah 't Hart

Sarah 't Hart

Sarah studeert bestuurskunde met een minor communicatie in Utrecht. Ze is gefascineerd door mensen en hun verhalen, drijfveren en passies. Deze fascinatie gebruikt ze om zowel in interacties in het dagelijks leven, als in journalistieke stukken, mensen écht te leren kennen en begrijpen.

Meer lezen?

De diepte in

Gouden tips

Meningen

Rolmodellen