Liesje onderzoekt: hoe zit het met de mannen?

“Sterke mannen zijn overal ter wereld in opmars” stelt Peter Giesen in de Volkskrant. Kijk bijvoorbeeld naar Jair Bolsonaro, ‘de tropische Trump’, die recent verkozen werd tot president van Brazilië. Krachtige macho’s komen massaal aan de macht en vaak zijn deze nieuwe ‘sterke leiders’ alles behalve vrouwvriendelijk. Reden genoeg voor vrouwen om zich bedreigd te voelen, toch? Gek genoeg zijn het juist de mannen die zich op dit moment bedreigd voelen, door feminisme. Tenminste, dat stelt Warren Farrel, ooit vooraanstaand feminist: “De ideologie van feministen is te dominant geworden.”

De positie van de man is dus in gevaar! De moderne man lijdt ernstig onder vrouwenemancipatie. Feministen zijn te ver doorgeschoten. Doordat de enige woordvoerders in vraagstukken over mannen en vrouwen, feministen zijn, wordt een vergrootglas gelegd op de vrouwelijke ervaring van machteloosheid en mannelijke macht, zonder aandacht te besteden aan mannelijke machteloosheid en vrouwelijke macht. Zowel mannen als vrouwen hebben te maken met maatschappelijke verwachtingen en -verplichtingen. Terwijl veel vrouwen hun carrière opofferen brengen mannen offers in hun carrière: ze nemen saai, geestdodend of gevaarlijk werk om hun gezin te kunnen onderhouden. Het opklimmen van mannen in hun carrière wordt gezien als ‘mannelijk privilege’. Dit is echter geen voorrecht, maar een verplichting: de man leeft met de verwachting dat hij bemind en bewonderd zal worden, zolang hij geld verdient. Farrel pleit daarom voor ‘genderbevrijding’: beide seksen moeten de ruimte krijgen hun rigide rollen uit het verleden los te laten.

Voor de kern van Farrel’s standpunt is absoluut wat te zeggen. Hoewel het door hem geschetste beeld van de ‘machteloze man’ misschien wat vraagtekens en cynisme oproept, schaar ik mij volledig achter zijn mening dat mannen de vrijheid moeten voelen maatschappelijke verwachtingen van zich af te schudden en hun leven zo in te richten als zij passend vinden. Wat ik echter niet begrijp is hoe deze visie ertoe heeft geleid dat Farrel de geestelijk vader is geworden van een beweging mannen zich afzet tegen het feminisme. Feminisme, vrouwenemancipatie en mannenemancipatie zijn toch onlosmakelijk verbonden? Waarom zou het één ten koste moeten gaan van het ander?

In 2014 lanceerde Emma Watson al de VN-campagne ‘HeForShe’. In haar speech ter gelegenheid van deze lancering haalde ze alle onduidelijkheid uit de wereld: feminisme is het geloof dat mannen en vrouwen gelijke rechten, kansen en mogelijkheden moeten hebben. Zowel mannen als vrouwen moeten zich vrij voelen genderstereotypen van zich af te schudden. Met dit in ons achterhoofd, kan het feminisme toch niet een bedreiging zijn voor de vrijheid van mannen?

Toegegeven, aandacht voor de positie van mannen is er tot nu toe binnen het feminisme nog niet genoeg geweest. Wat dat betreft is het goed dat mannen zoals Farrel er zijn om de boel een beetje op te schudden. “Bij emancipatiediscussies wordt de (nieuwe) positie van mannen altijd buiten haken geplaatst,” vindt John Morijn, docent Europese mensenrechten. De feministische dialoog mag best wat inclusiever worden. Als we feminisme begrijpen als een streven naar gelijke rechten tussen mannen en vrouwen, moet het gesprek hierover gevoerd worden door zowel mannen als vrouwen. Wellicht moet het initiatief hiervoor liggen bij de huidige zelfverklaarde – veelal vrouwelijke – feministen. Zij zijn niet bang om dit onderwerp aan te snijden. Zij kunnen, moeten zelfs, de discussie openbreken en inclusiever maken. Vrouwenemancipatie en mannenemancipatie zijn immers twee zijden van dezelfde medaille. Maar ook mannen mogen best een actievere houding aannemen en het gesprek aangaan. Wees niet bang voor het ‘feminisme’. Het is allang niet meer een beweging van vrouwen zonder BH’s die hun benen niet scheren en leuzen op hun lichaam schrijven. Het ‘feminisme’ is van iedereen en voor iedereen. Omarm het!

 

Door: Eloe Boele van Hensbroek

By | 2018-11-28T21:33:37+00:00 november 28th, 2018|Nieuws|0 Comments