Vrouwe Justitia kent geen sekse

door | 30 november 2020 | Meningen

Het was ‘s ochtends vroeg, 19 september, toen mijn huisgenoot en ik elkaar snikkend in de armen vielen. Ik was de keuken binnengekomen, we hadden elkaar kort aangekeken en begrepen elkaar direct: Ruth Bader Ginsburg, de iconische personificatie van Vrouwe Justitia zelve, was overleden. Die ochtend op Twitter, waar ik, gesterkt door vele mede-feministen, mijn verdriet deelde, stuitte ik op de namen Guusje Minkenhof en Dineke de Groot. Ik leerde over de notorious Minkenhof, de Nederlandse Ginsburg, die als eerste vrouw toetrad tot de Hoge Raad der Nederlanden, de Nederlandse Supreme Court. Beschaamd las ik verder over deze voor mij onbekende Nederlandse juridische voorvechters. De Groot, een van haar opvolgers, nam begin deze maand zelfs het hoogste rechterlijke ambt op zich. Zij is daarmee de eerste vrouwelijke president van de Hoge Raad. Onder mijn neus werd Nederlandse (feministische) geschiedenis geschreven. Ik had het niet eens door gehad.

De Groot wordt door collega’s beschreven als een “doortastend leider” en is “met haar laserscherpe kennis een van de beste rechters in het land”. Een historische triomf voor vrouwen in de rechtspraak en andere sectoren, een vrouw op zo’n hoge plek, zou je denken. Toch draaien in een recent artikel in deVolkskrant al haar collega’s om hetzelfde punt heen: vrouwe Justitia kent in Nederland geen sekse. Er is geen glazen plafond in de rechtspraak. De meeste rechters in Nederland zijn tenslotte vrouw (62% gemiddeld). Dat De Groot een vrouw is, lijkt bijzaak.

Dat ze nu een plekje in de geschiedenis heeft veroverd als ‘eerste vrouw die…’, daar maakt De Groot in haar openingsrede geen woorden aan vuil. Als buitenstaander keek ik daarvan op. Als freelance politieke junkie en journalist ben ik gewend aan vrouwelijke politici en activisten die hun vrouwelijkheid als wapen gebruiken, als motivatie. Bij het lezen van krantenartikelen over De Groot en haar ambt word ik me bewust van een duivels dilemma. Trots zijn op vrouwelijke baanbrekers is ontzettend belangrijk voor de positie van de vrouw op de werkvloer, dit soort vrouwen zijn tenslotte boegbeelden van het Nederlands feminisme, of ze dat willen of niet. Maar stel je inderdaad eens voor dat je zo hard werkt en iedereen het alleen heeft over dat je een vrouw bent. Mag ik ook in deze post-gender wereld wonen?

Loopt de rechtspraak onze tijd vooruit? Drie rechtbankpresidenten (alle drie vrouw) beschrijven in het Financieel Dagblad een selectieproces waarin er vooral wordt gekeken naar de kwaliteiten van de kandidaten. Ze vertellen over hun baan waarin ze eigenlijk alleen buiten hun sector geconfronteerd worden met het feit dat ze vrouw zijn. “Als de deuren van de rechtbank gesloten zijn en de toga aangaat dan ben je een rechter, geen man of vrouw”, aldus Robine de Lange-Tegelaar, rechtbankpresident uit Rotterdam. Wat een droomscenario: leven zonder je constant bewust te zijn van je geslacht. Ze proberen het overal, maar binnen de rechtspraak schijnt het ook daadwerkelijk te lukken.

Als de deuren van de rechtbank gesloten zijn en de toga aangaat dan ben je rechter, geen man of vrouw

Des te pijnlijker dat buiten de gender neutrale deuren van de rechtbank de Volkskrant, in hetzelfde artikel over De Groot, haar gezicht beschrijft als ‘bewegingsloos’, dat Sigrid Kaag nog steeds campagne moet voeren onder de slogan ‘nu wij ook een vrouwelijk premier’, dat ik in mijn geschiedenislessen niets heb geleerd over Guusje Minkenhof en dat er nog steeds meer ceo’s met de naam Peter zijn, dan vrouwelijke ceo’s.

Dus dank je wel rechtspraak, dat jullie demonstreren dat een inclusievere werkcultuur daadwerkelijk mogelijk is. Er is werk aan de winkel.

Hannah van der Wurff

Hannah van der Wurff

Hannah is freelance journalist en masterstudent Journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Voor feministische podcast Asymmetrical Haircuts maakt ze podcasts over internationale rechtszaken.

Meer lezen?

De diepte in

Gouden tips

Meningen

Rolmodellen