De vrouwen van het nieuwe Rwanda: een voorbeeld voor Nederland

door | 26 mei 2021 | De Diepte In, Uitgelicht

Bij voorlopers op het gebied van gendergelijkheid zijn we snel geneigd om te denken aan westerse landen als Zweden, IJsland en ook vaak genoeg ons eigen kleine land. Hoe logisch het ook is om binnen eigen continent te zoeken naar rolmodellen, voor gelijke kansen moeten we verder kijken dan een westerse bril toestaat. Want waar Nederland afgelopen jaar pas op plek 32 verscheen van de Gender Gap Index, bereikte Rwanda nummer 4. En waar Stem op een Vrouw nog hard nodig was bij onze Tweede Kamer verkiezingen, kent Rwanda de hoogste vrouwelijke parlementaire vertegenwoordiging ter wereld.  Daarom werpen we een blik op de weg die Rwanda aflegde naar gendergelijkheid en zien we tegelijkertijd dat er soms meer nodig is dan wetgeving.

Een donkere bladzijde
De grote mate van gendergelijkheid in Rwanda kent een macabere geschiedenis. Rwanda heeft twee bevolkingsgroepen: de Hutu’s, van oorsprong landbouw houders en de Tutsi’s, van oorsprong veehouders. Na een door België ingevoerde identificatieplicht in de 20e eeuw bleek de bevolkingsgroep Hutu’s in grote meerderheid, namelijk 85% van de bevolking. Na het onafhankelijk worden van Rwanda in 1962 werd een Hutu de eerste president, tot grote onvrede van de Tutsi’s. Meerdere gewelddadige golven volgden tussen de bevolkingsgroepen, maar kwamen tot een kookpunt in 1994 na een vliegtuigcrash waarin Rwandese president Juvénal Habyarimana om het leven kwam. Hutu-extremisten beschuldigden Tutsi-rebellen van zijn dood. De daaruit voortkomende spanningen leidden tot een genocide. In honderd dagen tijd werden bijna een miljoen Rwandezen, voornamelijk mannen en Tutsi’s, vermoord. Een kwart miljoen vrouwen werd verkracht, waarvan een schokkende 70% HIV of aids heeft opgelopen.

De vrouwen van de wederopbouw
Van de zes miljoen Rwandezen die na de genocide overbleven, was een grote meerderheid vrouw. Deze vrouwen erfden een verwoest land en droegen naast de rouw om hun verloren broers, partners en vrienden, óók de wederopbouw van Rwanda op hun schouders. Van het bouwen van huizen tot het maken van nieuw politiek beleid: vrouwen deden plots het werk dat voorheen als ‘mannelijk’ werd beschouwd. Als gevolg hiervan steeg het aantal vrouwen in de politiek en kwam er vanzelfsprekend een vrouwvriendelijker beleid tot stand.
Zo kregen vrouwen vijf jaar na de genocide het recht om bij afwezigheid van testament onroerend goed te erven. In de praktijk betekende dit een vergroting van kansen voor boerendochters, omdat voor die wet het land automatisch naar hun broers ging. Daarnaast kregen vrouwen (eindelijk) de mogelijkheid om zonder toestemming van een partner een bankrekening te openen en werd onderwijs voor jonge meisjes bevorderd. De loonkloof in Rwanda is nog niet helemaal gedicht, maar wel al stukken meer dan in Nederland.  

Deze vrouwen erfden een verwoest land en droegen naast de rouw om hun verloren broers, partners en vrienden, óók de wederopbouw van Rwanda op hun schouders.

De gevolgen van een vrouwenquotum
Na de verschrikkelijke gebeurtenissen werd duidelijk dat vrouwen het land hersteld hadden en dat de traditionele rolverdeling ruw was verstoord. De regering kwam tot de conclusie dat vrouwen een verzekerde plek in de politiek behoorde te krijgen. In 2003 werd dan ook een grondwettelijk vrouwenquotum van 30% ingevoerd met betrekking tot overheidsorganen. Inmiddels ligt het vrouwelijke aandeel in het parlement daar aardig boven: met een percentage van 60% kent Rwanda de hoogste vrouwelijke vertegenwoordiging in het parlement ter wereld.

Binnen het tijdsbestek van één generatie is in Rwanda een ware omslag gemaakt in de dynamiek tussen man en vrouw. Hét voorbeeld van hoe meer vrouwen in de politiek zorgt voor een meer vrouwvriendelijk beleid. Maar net als op zoveel plekken in de wereld, krijgen vrouwen nog te vaak te maken met seksisme en vooroordelen. Wetgeving is de eerste stap naar het verleggen van grenzen, maar voor het veranderen van hardnekkige genderrollen is meer tijd nodig. Het loslaten van traditionele gedachten over mannen en vrouwen zal plaats moeten vinden tot in de kleinste scholen en meest afgelegen dorpen. 

Wetgeving is de eerste stap naar het verleggen van grenzen, maar voor het veranderen van hardnekkige genderrollen is meer tijd nodig.

En al kent Rwanda de hoogte vrouwelijke politieke vertegenwoordiging ter wereld, een vrouwelijke premier is nog nooit geweest. In Rwanda is er al ruim 20 jaar dezelfde man aan de macht die vrij weinig kritiek duldt waardoor de vrijheid van meningsuiting helaas geregeld in het geding komt.

Meer rolmodellen en minder stereotypen
Met behulp van voorkeursstemmen zijn de afgelopen verkiezingen in Nederland 61 vrouwen in de Tweede Kamer gekomen. Dat stemt hoopvol; meer vrouwen in de politiek betekent meer rolmodellen en stereotypes die doorbroken worden. Maar waar in het Nederlandse regeerakkoord van 2017 over emancipatie het woord ‘vrouw’ niet wordt genoemd, kent Rwanda een volledig ministerie van Gender en Familie en een vrouwenquotum. We zijn er in Nederland nog niet, waarom laat de politiek ons soms dat dan wel denken? Vrouwelijke vertegenwoordiging in het parlement van Rwanda is noodgedwongen bewerkstelligd door een donkere bladzijde in de geschiedenis van Rwanda, maar blijft bestaan door actief en revolutionair beleid. Feminer schreef eerder al over een vrouwenquotum en Rwanda laat ons zien wat het kan betekenen voor gendergelijkheid. Rwanda richt haar blik nu op de nieuwe generatie die op zal groeien met moeders in de regering en vaders aan de eettafel. 

 

Maaike Visser

Maaike Visser

Maaike studeert rechten in Utrecht en hoopt dat later te combineren met de psychologische kant. Ze schrijft artikelen over de heersende gendernormen en hoe dat - vooral op de werkvloer - ook anders kan.

Meer lezen?

De diepte in

Gouden tips

Meningen

Rolmodellen